ELEMENTAIRE KENNIS

Audio Service Limburg stelt zich als doel de liefhebber van vinylweergave op gepaste wijze van dienst te zijn.

AFSTELLEN PLATENSPELER

8 december 2020

Verschillende mogelijkheden en alleen van toepassing bij draaiarmen (geen tangentiaal).

 

Baerwald (Lofgren A), Lofgren (B) en Stevenson.Baerwald

geeft over de gehele boog minste vervorming, maar tussen nulpunten meer vervorming top dan bij Lofgren B

 

Lofgren B

geoptimaliseerde afstelling voor zo min mogelijk vervorming tussen de nulpunten. Maar daardoor mogelijk meer vervorming aan begin en eind van plaat.

 

Stevenson

Een variatie op Lofgren om inner groove vervorming te minimaliseren (binnenste nulpunt ligt op uitloopgroef. Maar daardoor meer vervorming aan buitengroef

 

Welke plaatafmeting als basis? DIN, IEC of typical. Meestal IEC.is maatvoering plaat.

 

 

Waar moet je op letten?

 

Geometrie arm

Elke arm heeft zijn eigen geometrie. Deze geometrie is bekend bij de fabrikant en hij levert deze dan ook mee als je een nieuwe arm koopt. Bepalend voor de afstelling is de “pivot to spindle” afstand en de overhang

 

Effectieve lengte

Effectieve lengte = pivot to spindle + overhang

 

Pivot to Spindle

Dit is de afstand tussen de as van het plateau en het draaipunt van de toonarm.

 

Overhang

Bij tangentiaal is die 0. De overhang is de afstand die de naaldtip verder rijkt dan de as van het plateau. Dit is belangrijk voor een zo laag mogelijke vervorming buiten de nul-punten. Overhang fout? Overal vervorming en kan zelfs schade aan platen toebrengen. Snelste methode om element op juiste plek te zetten. 0-punten ter controle. Nadeel, specifieke protractor nodig

 

Nul-punten

Buiten- en binnen-nulpunt afhankelijk van arm en afstelwijze. Op deze punten is de vervorming 0%. Afstellen op 0-punten is mogelijk en tijdrovend. Voordeel, simple protractor volstaat. Overhang gebruiken ter controle.

 

Offset hoek

hoek tussen cantilever en denkbeeldige lijn tussen naaldpunt en draaipunt van arm.

 

Naalddruk

druk waarmee de naald op de plaat drukt uitgedrukt in gram. Dit stel je in door verschuiven van het gewicht aan het andere einde van de arm

 

Uitlijnen

Op elke protractor staan rechte lijnen. M.b.v. die lijnen moet het element zo geste worden dat de cantilever evenwijdig staat aan die lijnen, er vanuit gaand dat de naaldtip juist op de cantilever gemonteerd zit.

 

Azimuth

De naald moet als een loodlijn in de groef staan, dus haaks op de plaat (van de kopse kant gezien). Is de azimuth fout, zal er kanaalongelijkheid ontstaan (leen kanaal luider dan ander). Bovendien slijtage hoger

 

Anti Skating

Ook wel Bias genoemd. Tijdens het spelen nijgt de arm naar binnen te vallen. Daardoor meer druk op de binnenkant van de groef. De anti-skating instelling trekt de arm naar buiten. De bedoeling is om deze zo in te stellen dat beide kanten van de groef een gelijke druk ervaren.

 

VTA

Vertical Tracking Angle. Die zorgt ervoor dat de naald de juiste hoek maakt in de groef (van zijkant gezien). Meestal is het voldoende om de armbuis horizontaal uit te richten. Optimaal is het als de naald een hoek van 92 graden maakt in de groef (SRA).

 

SRA

effectieve hoek die de naald maakt tijdens afspelen. (Stylus Rake Angle). Die hort gelijk te zijn aan de hoek die de snijbeitel maakt bij een master. 92 graden. Deze is echter lastig juist in te stellen. Microscoop- of macrocamera nodig

HEEFT U VRAGEN?

Neem contact met ons op